Een glijlager die na duizenden omwentelingen exact op maat moet blijven. Een precisiedeel dat zijn vorm behoudt onder aanhoudende druk. Een geleider die soepel blijft glijden zonder in te boeten op toleranties. Wie maatvaste, bewegende onderdelen ontwerpt, staat vroeg of laat voor dezelfde vraag: wordt het POM of PET/PETP? Beide zijn maatvaste engineering plastics met een zeer lage vochtopname en zeer goede slijtvastheid — maar het verschil in taaiheid en stijfheid bepaalt vaak of een onderdeel jarenlang betrouwbaar presteert of net iets te vroeg faalt.
De kunst is niet zomaar naar een maatvast materiaal grijpen, maar herkennen of jouw toepassing taaiheid of eerder stijfheid nodig heeft. Deze pagina zet beide materialen scherp naast elkaar.
In dit artikel leer je:
POM (polyoxymethyleen of polyacetaal) en PET/PETP (polyethyleentereftalaat) zijn beide semi-kristallijne engineering plastics met hoge maatvastheid, lage vochtopname en zeer goede slijtvastheid. POM biedt de betere taaiheid, van nature uitstekend glijgedrag en een betere bewerkbaarheid. PET/PETP gaat op stijfheid, vormvastheid en kruipweerstand vaak nog een stap verder, met een iets lagere vochtopname, maar is brozer bij schokbelasting. De keuze draait telkens om dezelfde afweging: heeft jouw onderdeel taaiheid en glijgedrag nodig, of maximale stijfheid en vormvastheid?
Beide materialen zitten in het middensegment van de kunststofdriehoek: engineering plastics die structurele en bewegende functies dragen tegen een redelijke kostprijs. Als semi-kristallijne kunststoffen hebben ze deels geordende ketens, wat zorgt voor stijfheid, hardheid en een scherp gedefinieerd smeltpunt.
Waar de POM-basispagina en de PET/PETP-basispagina elk het volledige kernprofiel behandelen, zoomt deze pagina in op het onderscheid tussen de twee. Want je neemt niet zomaar een engineering plastic; voor jouw belasting neem je het juiste materiaal.
Beide materialen delen een hoge maatvastheid en een lage vochtopname, maar verschillen op enkele beslissende assen. Behandel de onderstaande waarden als indicatief; de exacte cijfers hangen af van type en leverancier en toets je altijd aan de datasheet.
Hier neemt POM de leiding. Het materiaal is taaier en vangt schokken beter op, waar PET/PETP brosser reageert onder impact. Voor onderdelen die af en toe een stoot of wisselende belasting moeten verdragen, geeft die taaiheid de nodige reserve. PET/PETP is stijver, maar juist die stijfheid maakt het gevoeliger voor breuk bij een harde tik.
Hier trekt PET/PETP voorop. Het is stijver dan POM en behoudt zijn vorm onder aanhoudende belasting zonder merkbaar door te buigen. De kruipweerstand is bovendien zeer goed — beter dan POM onder langdurige belasting — wat het extra sterk maakt voor structurele onderdelen die nauwkeurig recht en op maat moeten blijven.
Beide materialen presteren sterk op bewegende delen, maar POM heeft van nature het meest constante glijgedrag met een lage wrijvingscoëfficiënt. PET/PETP biedt eveneens een zeer lage wrijving en sterke slijtvastheid, waardoor het uitblinkt in maatvaste lagers en slijtdelen. Voor continu bewegende delen zonder smering is POM vaak de logische keuze.
Beide blijven dimensioneel stabiel dankzij hun lage vochtopname. Op temperatuur gaat PETP een stap verder, met een breder bereik van circa −40 tot +115 °C (indicatief). PET/PETP is gevoelig voor hydrolyse bij langdurig contact met heet water of stoom — een aandachtspunt dat je vanaf het ontwerp meeneemt.
| Eigenschap | POM (indicatief) | PET/PETP (indicatief) |
|---|---|---|
| Taaiheid | Hoog | Gematigd (brozer bij schok) |
| Stijfheid | Hoog | Hoger |
| Vormvastheid | Zeer goed | Uitstekend |
| Kruipweerstand | Goed | Zeer goed |
| Glijgedrag | Uitstekend, constant | Zeer goed, lage wrijving |
| Slijtvastheid | Zeer goed | Zeer goed |
| Vochtopname | Zeer laag | Zeer laag |
| Temperatuurbereik | −40 tot +100 °C | -40 tot +115°C (Beperkter beperkter bij heet water/stoom |
| Verspaanbaarheid | Uitstekend | Goed |
De juiste keuze volgt rechtstreeks uit de dominante belasting en de omgeving van je toepassing. Herken je een van deze scenario’s, dan wijst dat richting een specifiek materiaal.
Kies POM wanneer:
Kies PET/PETP wanneer:
Werk je nu met PET/PETP en loopt het mis? Dan zijn dit de signalen dat een overstap naar POM zinvol is:
Loopt het net andersom en buigt je onderdeel door? Dan wijzen deze signalen richting PET/PETP:
Let wel: geen van beide materialen is een alleskunner. Vraagt je onderdeel vooral taaiheid en schokabsorptie, dan is PA vaak de betere keuze — bekijk die afweging op PA vs POM. Het doel is niet de hoogste prestatie op één as, maar de juiste balans voor jouw belasting, omgeving en levensduur.
Een goede materiaalkeuze wijst geen absolute winnaar aan, maar toont welk materiaal past bij jouw specifieke afweging. Beide vertrekken vanuit hoge maatvastheid en lage vochtopname, en verschuiven op taaiheid tegenover stijfheid.
POM is de veelzijdige keuze: maatvast, taai en met van nature uitstekend glijgedrag, over een breed temperatuurbereik. Het is de logische basis voor tandwielen, glijlagers en precisieonderdelen die beweging én af en toe impact combineren. PET/PETP is de specialist als het gaat over sterkte, stijfheid, vormvastheid en kruipweerstand, dankzij de zeer lage vochtopname en de hoge elasticiteitsmodulus — sterk voor precisie- en slijtdelen zonder schokbelasting.
Kort samengevat: kies POM wanneer taaiheid, glijgedrag en bewerkbaarheid doorslaggevend zijn, kies PET/PETP wanneer maximale sterkte, stijfheid, vormvastheid en kruipweerstand primeren.
Beide materialen behoren tot de best verspaanbare engineering plastics. Zagen, frezen, draaien en boren verlopen vlot en leveren een fraai, maatvast oppervlak op. Dankzij hun lage vochtopname blijven de toleranties tijdens en na bewerking stabiel — geen conditioneringsstap zoals bij polyamide, wat beide materialen voorspelbaar maakt voor CNC-verspaners. Het verschil zit in het gedrag onder de machine: POM verwerkt met beperkte warmteontwikkeling en behoudt zijn taaiheid, terwijl je bij PET/PETP rekening houdt met het brossere karakter om spanningsscheuren te vermijden.
Typische toepassingen weerspiegelen de sterktes van elk materiaal:
Je vindt POM en PET/PETP daardoor terug in vrijwel elke sector waar maatvaste, al dan niet bewegende onderdelen het verschil maken tussen betrouwbare werking en vroegtijdige uitval — van aandrijftechniek en machinebouw tot instrumentatie en voedingstechniek.
POM en PET/PETP delen het beste van de engineering plastics: hoge maatvastheid, lage vochtopname en uitstekende verspaanbaarheid voor precisie- en slijtdelen. Het verschil zit in hun kernkracht. POM is de taaie, glijvaste allrounder die schokken opvangt. PET/PETP is de specialist in sterkte die zijn vorm behoudt onder aanhoudende belasting, met een uitstekende kruipweerstand en een fractie lagere vochtopname — maar brozer onder impact. Kies bewust op basis van je dominante belasting — taaiheid en glijgedrag, of pure sterkte en stijfheid — en je haalt het maximale uit je onderdeel. Kunststof is geen kunststof; voor jouw toepassing neem je het juiste materiaal.
Wil je zeker weten of POM of PET/PETP past bij jouw onderdeel, of twijfel je tussen taaiheid en stijfheid? Bekijk het overzicht op de pillar page industriële kunststoffen, de engineering plastics sub-pillar en de kunststofdriehoek, of leg je vraag direct aan ons voor.
Twijfel je tussen POM en PET/PETP? Vraag advies — De experts van Igepa Industrial Plastics denken graag met je mee. Want materials matter.